TravelByPhoto.nl

Nagaland - Assam - Arunachal Pradesh (deel 3)





















Reisverslag Noord Oost India
Nagaland - Assam - Arunachal Pradesh
(deel 3)


 ...

Reisverslag Noord Oost India


Nagaland - Assam - Arunachal Pradesh


Deel 3 - Van Ziro met de Apatania vrouwen en hun neuspluggen tot Tawang.


Voor bij het reisverslag 

Als u bij het lezen een foto aanklikt dan wordt deze ver­groot. De foto′s kunnen ver­volgens achter elkaar als diashow bekeken worden. Als u een link, bij voorbeeld: BAC Voyages aanklikt dan wordt deze geopend. Wanneer verwezen wordt naar de kaart van Noord-Oost India, dan kan deze op­ge­roe­pen worden door de link: Kaart Noordoosten van India aan te klik­­ken.

Dag 14 – Vrijdag 13 december , Along - Daporizo (180 km)

(kaart) ... ...

7 uur ont­bijt, half 8 ver­trek. Het heeft van­nacht heel erg geregend in Along. Gelukkig wordt het na vertrek al snel droog, al blij­ven de wol­ken nog wel een poos in de bergen hangen.

Mooie tocht door de bergen weer. Alles zo groen! De regen heeft de dikke laag stof op de bladeren weggespoeld. We stoppen bij een bus­halte aan de weg bij een dorpje. Er staan onder andere 2 man­nen met een opvallend rood hes aan te wachten tot de bus komt. Het zijn dorps­hoofden die naar een ander dorp reizen. Er blijkt een me­nings­­verschil te zijn over landeigendom en daarom is er nu een bijeen­komst van dorpshoofden belegd. Een raad van wijzen zal een uit­spraak doen in het geschil; een vorm van recht­spraak die nog overgebleven is uit vroegere tijden. Niet aan­vaard door de overheid maar alom gerespec­teerd door de dorpsbewoners zelf. We heb­ben een kort gesprek met de mannen. Ze hebben hier duidelijk niet vaak westerse toeristen gezien.

We lopen ook het dorpje zelf in. De mannen in de dorpen lopen rond met een (kap)­mes, verpakt in een ge­vloch­ten hoesje en hebben vaak een gevlochten hoed op. Jan-Arend heeft er al eens zo'n hoed gepast, maar zijn hoofd is er dui­de­lijk te groot voor. Het is een leuk, vredig dorpje van de Nishi stam. Het is hier net één groot boeren erf. Heel veel kippen met kleine kuikentjes, zwijnen met héle kleine biggetjes en veel hon­den met puppies. Het lijkt wel of alle dieren net gezins­uit­breiding hebben gehad. We zien ook een groot dik zwijn met 2 kip­pen op zijn rug. Ze zijn hem aan het ontluizen. Hij staat dood­stil en geniet er duide­lijk van! ...

Vrouwen zijn bezig manden met sprok­kel­hout te vullen. We lopen nog verder door het dorp waar weer overal man­da­rijnbomen staan. Ze hangen vol!

Een oude man vlecht een mand op de traditionele ma­nier. De manden zijn hier mooi en stevig. De huizen zijn helemaal van hout. Bam­boe­palen, takken, allerlei natuurlijk vlecht­werk. De daken zijn allemaal bedekt met bladeren. Soms hebben de nieuwere huizen een onder­kant met palen van beton, omdat er ter­mieten zijn die de boel aanvreten. ... ... De hui­zen staan alle­maal zo'n 1,5 meter boven de grond. Onder het huis slapen/ schuilen varkens, geitjes, honden, poezen en kippen. De huizen zijn vrij groot maar er is maar een beperkt deel afgeschermd voor koken, eten en slapen. Om dat ver­trek heen, rondom het hele huis, een soort over­dekte veranda met zitplaatsen.

De zwijnen zijn opruimers. Ze zijn ook de toiletjuffrouwen van het dorp! Bully vertelt over een Franse toeriste die alles basic wilde doen. Ook bij de mensen thuis wilde slapen. Maar, toen ze boven een gat moest hangen in de wc van het huis, naar beneden keek en een zwijn zag die klaar stond om alles op te vangen moest ze wel even slikken.

We zien een oud vrouwtje. Ze komt aanlopen met een mand op haar rug. Ze heeft ook tra­dionele enkelbanden. Bully maakt een praatje met haar. Een foto is geen pro­bleem. We gaan verder en stoppen al snel weer in een volgend dorpje waar de pepers te drogen liggen. In de woning staat altijd het vuur centraal. Daarboven hangen wel 2 of 3 grote rek­ken waar van alles op ligt en aan hangt. Het plafond boven de vuurplaats ziet er altijd heftig en zwart uit!

... ...

Bij een huis is een man een rieten mat aan het her­stel­len. Hij zegt dat de ratten de mat aangevreten hebben. Er zitten grote gaten in. Hij her­stelt ze knap met in smalle repen gesneden bam­boe. Hoe oud hij is weet hij niet precies. Hij weet wel dat hij er al was in het jaar van de grote aard­be­ving (1950). Hij moest toen weg­vluchten.

De mensen hier belijden meest­al een animistische godsdienst; ze ver­eren voor­al de zon en de maan, en de na­tuur in het alge­meen. Men is in het dorp volop bezig met het opvoe­ren van een ritueel. Palen versierd met bamboe en stro besmeurd met bloed. Er blijkt een zwijn als ritueel offer te zijn geslacht. Diezelfe offerande zitten de mannen van het dorp nu samen lekker op te smik­kelen op de grote waranda van een van de hui­zen. Ook hier weer veel rijst­wijn. Natuurlijk worden ook wij ingeschonken. De daarbij opgediende delicatesse be­staat wederom uit ingewan­den, maar ja, we zijn nog steeds vegetariër hè. Het is hier wel een rommeltje. Allerlei etenswaar ligt op de grond. Een stuk of 5 hondjes proberen mee te snoepen. Ook in het huis zit een groep­je mensen te eten en te drinken.

...

Op onze vragen bij de men­sen die aan de weg werken, leren we het volg­en­de; de mannen krijgen wat meer dan de vrou­wen. De vrouw­en verdienen ongeveer 40 euro per maand. Als ze op grote hoogte werken kun­nen ze tot het dubbele krij­gen. De werkers worden met familie gehuisvest in een soort nederzettingen. Die zien er niet aantrekkelijk uit. Hele kleine vertrekken. De buiten­kant is van een soort golf­plaat. Niet de officiële golfpla­ten, maar opengesneden en platge­maakte olie­blikken. Daar hoeven ze dan niet voor te betalen. Vuur is ook gratis; ze halen het sprokkelhout uit het bos.

We komen 2x een vracht­wagen tegen die van de weg af is gegleden.. omgevallen en hangend tegen de berg. De weg is maar één smalle rij­baan. Die rijbaan loopt steil af aan de zijkant. Komt er dan een tegenligger en ga je iets te ver opzij, dan lig je er naast. Je kunt van te voren gewoonweg niet zien wat er aan komt. Daarom moet je bij elke bocht toe­teren.

We komen veilig in Dapori­zo aan. Het was een leuke reis­dag. Leuke ontmoe­ting­en en we hebben geen last gehad van het niet al te den­de­rende weer. Rond half 5 zijn we in het Singhik hotel in Daporijo. Dat ziet er ver­rassend sjiek uit! Het is pas sinds afgelopen augustus open horen we. We hebben een goede kamer met hele behoorlijke matras­sen en kunnen zelf koffie en thee zet­ten.

Wat we hier nooit snappen is die hoeveelheid knoppen voor de elek­tri­citeit! Een blok met 16 knoppen als je binnen­komt, en dan nog een aantal van die elektrische dozen. Maar als je de water­koker aan wilt zetten moet je 'm hoog houden omdat de enige stek­ker die het goed doet, degene is die zo zit dat het snoertje altijd te kort is om de koker ergens op te zetten. Er staat hier dat het hotel internet heeft. Als we ernaar vragen zeggen ze .... morgen! Nachts regent het flink.

Dag 15 - Zaterdag 14 december, Daporizo - Ziro (175 km)

(kaart)

Het ontbijt is prima! Toast, omelet, vers fruit. Voor ons doen een latertje vandaag; half 8 ontbijt!

... ...

Na het ontbijt gaan we naar de lokale markt in Daporijo. Veel geuren en kleuren. De straat is erg nat en modde­rig gewor­den. Toch knapt het weer steeds meer op. We kopen nog wat kettingen.

Weer veel wormen en torren in de aanbieding op de markt af en toe wel weer even slik­ken! Het fruit ziet er allemaal erg mooi uit. Er staan zelf ge­vlochten man­den op de grond met elk een stuk of 10 kippen er in. In het midden staat een bordje rijst voor de kippen. Een klein zwijn­tje ziet kant om in de mand te kruipen.  Op weg naar het rijst­schaaltje. Hij staat midden in die mand tussen de kippen de rijst op te eten... Koddig gezicht, maar, het wordt niet op prijs gesteld. Als het ontdekt wordt wordt de big er met harde hand luid krij­send aan 2 pootjes uitge­trokken. Meteen gaat iemand het door het var­ken­tje ont­dek­te gat met bamboedraad dichtmaken.

We rijden weer, langs dorp­jes. Bully legt wat uit over de animistische godsdienst waarvan we hier overal de sporen van zien. Hoe men de doden bijzet op een monu­ment van bamboe, bladeren en slingers. Liefst wordt er bij het overlijden een aap en een katachtige geofferd. De kar­kas­sen worden leeg­ge­haald en gevuld met blade­ren. De aap zal de overlede­ne in het hiernamaals van groenten voorzien, en hem bescher­men. De katachtige zal voor vlees zorgen. Boven het graf­mo­nument hangt een paraplu. ...

Het monument blijft heel lang staan. Uiteindelijk worden de overblijfselen bij zo'n versierd monument begraven. Er zijn families die vrijwel alles van de over­­ledene mee geven. Kleding, siera­den, soms tot een tv of motor toe! Als er geld is plaatsen de fami­lie­leden er later een betonnen grafsteen op. We zien ette­lijke van die graven staan. Verse, of al wat ouder. ... ...

De huis­jes in dit ge­bied van Arunachal Pradesh doen wat armoedig aan. De daken zijn van infe­rieure kwaliteit zijn en moe­­ten heel vaak ver­nieuwd wor­den. Een "goed" dak gaat een jaar of 2 a 3 mee.

We spotten vrouwen met fraaie oorbellen, kinderen met puppies, mannen die langs de weg manden vlech­ten.

We gebruiken de lunch in een leuk eethuis op de berg met uitzicht op het dal. Beneden stroomt de rivier. Als we over de weg rijden verwon­deren we ons over het aantal nieuwe bouw­wer­ken dat langs de weg in no time uit de grond ge­stampt lijkt te worden. Ieder­een is bezig. De verkla­ring is simpel. De weg gaat zeer waarschijnlijk verbreed worden. De grond naast de weg is van de dorpelingen. Als de overheid je grond nodig heeft voor de weg wordt je gecompenseerd. Staat er een huis op krijg je veel meer en een stenen bouwsel brengt weer meer op dan een bamboe huis.

En dus... voordat het te laat is.

... ...

is men hier als een gek aan het bou­wen gesla­gen. Slechte bouw met slechte materialen zoals stenen van cement in plaats van echte bak­ste­nen uit de oven. Maar dat maakt niet uit, want de bouw­werken zullen waar­schijnlijk toch niet gebruikt worden. Er wordt alleen gebouwd om geld op te kun­nen strijken. Bully zegt dat hier een maand geleden nog bijna geen bouw­activi­tei­ten waren. Hele families steken zich in de schulden. Er worden hoge rentes berekend. Iedereen wil er aan verdienen. Met één groot gevaar! Als er teveel compensatie betaald moet worden, kan het plan zomaar ineens weer veran­deren, en dan zitten hier een aantal mensen flink in de problemen. Sommige bouw­werken staan direct aan de weg, zonder 10 cm ertussen. Bizar!

...

Het is best een stuk rijden maar om­streeks 18.00 uur arriveren we bij Cathy's place. Cathy's place is het huis van de moeder van de vrouw van Bully. Bully woont er met zijn vrouw Anna, dochter Cathy van 7, zoon Takar van 9 maanden, de moeder van Anna (die niet aanwezig is) en Pretty een meisje dat de familie helpt en bij hen inwoont. We zullen hier twee nachten slapen. Anna runt een klein winkeltje. We worden gastvrij onthaald. We krij­gen een keurige kamer met badkamer. Goede bedden en gelukkig genoeg dekens.

Het is iniddel heel erg koud geworden! Het is 6 graden en het doet wat aan Holland denken. Misschien is het daar nu ongeveer dezelfde tem­peratuur? We krijgen thee met koekjes.

...

Om 19.30 uur gaan we bij de familie eten bij het open vuur in de kamer beneden. We nemen wat cadeautjes mee die we vandaag op de markt gekocht hebben. Al zeker een week hebben we geen ver­bin­ding gehad met thuis. We zijn wel benieuwd hoe het daar allemaal gaat. We krijgen een hete kruik mee naar bed. Dat is wel héérlijk! We hebben een prima bed. We lezen nog even in bed, met die heer­lijke kruik, en dan gaan we slapen.

Dag 16 - Zondag 15 december 2013, Ziro

... ...

Half 8 ontbijt. Heerlijk geslapen. Door alle dekens hebben we het niet koud gehad. Het is héél erg mistig! Dat komt omdat het 's nachts vriest. Als het dan wat war­mer wordt verdampt het vocht in de vallei. We ontbijten in de keuken-kamer in het bene­den huis. Geroosterde bo­ter­­hammetjes, jam en omelet. Anna is heel vrien­delijk en blijft alles maar aanvullen! Ook Pretty helpt bij het ontbijt. Ze is op haar 8e bij de familie in huis gekomen. Ze is daar nu al 6 jaar. Binnenkort gaat ze naar haar familie terug.

... ...

Na het ont­bijt gaan we op weg. Al snel ver­dampt het vocht en is het stra­lend weer!

Vandaag hebben we een hele dag de tijd om de omgeving van Ziro te verkennen en enkele Apatani-dorpen, zoals Hong, Dutta, Hijo, Bamin, Hari of Mudang Gale te bezoeken. Anna, de vrouw van Bully, is ook een Apatani. ... ...De cultuur van de Apatani is heel ver­schil­lend van de andere stammen in Arunachal Pradesh. De Apatani geloven dat ze direct afstammen van Abotani, de eerste mens. Er leven nog ongeveer 15.000 Apatani in deze regio. Ze hebben een strikt sociaal systeem, dat hen moest beschermen tegen vijandige stammen zoals de naburige Nishi.

We gaan met Bully op pad. Al gauw komen we de eerste vrouw met neus­pluggen van bamboe tegen. Tegen een vergoeding mogen we een foto nemen. Ze is verkou­den; er zit dotje groen neussnot naast de plug in haar neus. ... ...

Lang niet iedereen wil op de foto. Voor Bully is het soms lastig; hij is een bekende van hier en daarom neemt een enkeling het hem kwalijk dat hij men­sen mee­neemt die foto's willen nemen.

Maar meestal levert het hier geen proble­men op. Sommige neuspluggen zijn echt enorm groot. We zien een slager, ook hier hangt veel vers vlees buiten. Een hondje kijkt er verlekkerd naar.

... ... Er zijn hier veel animis­ten. Ze heb­ben speciale altaren waar eierdoppen aan hangen, en veren. We komen bij een tempel van de animisten. Het is er binnen vrij leeg. Voorin staan mandjes met offeran­des zoals rijst, water en al­cohol. Vroeger hadden de animisten geen plek om bij elkaar te komen en dreigden ze op de achter­grond te gera­ken door het christendom. Daarom hebben ze nu deze plek gemaakt. Nu zingt men er ook, maar dit alles is pas van de laatste 30 jaar. ... ... De au­then­tieke huizen met veran­da's in rijen langs de straten in de dorpjes zijn weer heel anders dan elders. De Apatani zijn opvallend goed geschoold, vaak hoog opgeleid. We krijgen thee in een huis dat uitkijkt op de vallei. De gastheer is familie van Bully en een plaatselijk politicus. Fraai huis. Later zullen we zijn moeder nog ont­moeten; een vriendelijke vrouw met een grote bril en grote neus­plug­gen. Ook hier is men flink aan het bouwen. Er worden voorbereidingen getroffen voor een komend dorpsfeest en bestaande huizen worden uitgebreid. Men helpt elkaar weer veel, in ruil voor eten en drinken.

...

Als we weer langs de zon­netempel komen is er een dienst aan de gang. Bepaald niet unplugged! Fraaie men­sen hier! Er wordt gesproken en gezongen. De mensen zitten op matten op de grond. Vrouwen links, mannen rechts. We wonen een groot deel van de dienst bij en krijgen ook een zwart armbandje om van wol, net als alle anderen. Om 12 uur, op het midden van de dag, is de dienst afgelopen. Als alle mensen naar buiten lopen maakt Ingrid een groeps­foto. Bully heeft dat gere­geld. Er is ook de gelegen­heid om enkele individuele portretten te maken. We krijgen nog een pittig zelf gebrouwen alco­hol­drankje . én een ondui­delijk wit goedje, een soort van rijste­poeder dat we in onze mond moeten steken. Niet echt sma­kelijk en ie­der­een heeft vanaf dat moment witte lippen!

Bully vertelt over de dorpen. De Apatani zijn heel anders dan de Nishi. De Nishi zijn meer bezig met het hier en nu en maken zich weinig zorgen over de toekomst. De Apatani zijn meer vooruit­ziend. Zij willen de natuur goed bewaren en bouwen aan hun toekomst. Bully is een Nishi. Indertijd toen hij sa­men ging wonen met Anna - een Apatani vrouw - vonden de wederzijdse families dat eigenlijk niet goed, maar na verloop van tijd heeft ieder­een zich bij de situatie neer­ge­legd en nu zijn er geen pro­blemen meer. ... ...
Hier in het Apatani dorp is het goed georganiseerd. Er ligt een groot stuk bos om het dorp om te jagen en een bamboebos voor bouw­ma­te­riaal. Iedere familie heeft z'n eigen grond. De oudste zoon erft van de ouders.

Een shaman is een heilige man, bij de animisten. Hij voert rituelen uit. Als we in het dorp lopen komen we toevallig een shaman tegen. Hij heeft een kuikentje in zijn hand. Zijn advies is gevraagd. Iemand wil zijn huis verbou­wen. Is dat een goed idee? Welk offer moet gebracht worden? De shaman moet uitkomst brengen en daar is een klein offer voor nodig; het kui­kentje. De shaman neemt het kuikentje mee naar een heilige boom. Wij volgen hem met gemengde gevoelens... Hij doet een klein bamboetouwtje om de poot­jes van het vogeltje en hangt hem aan een twijgje van de heilige boom. Hij spreekt allerlei spreuken en roept de geesten aan. Indrukwekkend om mee te maken. Uiteindelijk doodt de shaman het kuikentje. ... ...

Hij sprenkelt bloed tegen de boom. We zijn blij dat het kuikentje nu ten­min­ste dood is. Dan snijdt hij het kuikentje open. Hij haalt het levertje er uit. Daar staan tekenen in die hij kan lezen en zo kan hij de opdrachtgever nu vertellen wat hij moet doen. Misschien kan de verbou­wing niet doorgaan, of misschien moet er later nog een ander dier geofferd worden. We weten het niet en wie zijn wij om een dergelijk ritueel te veroor­delen. Wij komen immers uit het land van kistkalveren en plofkippen, maar het blijft moeilijk om te zien!

... ...

We lunchen ergens onder­weg vandaag. We komen een Amerikaanse toerist tegen die in zijn eentje reist. We zijn hem al een keer eerder tegengekomen. Hij heeft het duidelijk minder naar de zin dan wij. Hij vindt het koud en zegt dat de voor­zie­nin­gen hier toch echt ver beneden basic zijn. Wij vinden van niet. ... De faciliteiten tot nu toe zijn simpel, maar te doen. Enige improvisatie is soms nodig maar de vrien­de­lijk­heid van de mensen en de bijzondere omgeving compenseert voor ons ieder ongemak . De Amerikaanse toerist zou net als wij naar Tawang door­reizen maar ziet daar nu van af omdat het daar sneeuwt. Nou wij hebben er wel zin in!

Op de terugweg naar Ziro gaan we nog langs een craft centrum gaan. Ingrid vind het leuk om iets van de mooie stoffen van hier te kopen, en we zien verder nergens een plek waar je het kunt kopen. De winkel gaat speciaal voor ons open. De winkel is van de zus van Anna. Ingrid vind een mooie omslagdoek.

We gaan ook nog langs de markt, maar daar is weinig te beleven omdat het zondag is. ... Dan door naar huis. Foto's gemaakt van het winkeltje van Anna. Over een ruime maand zullen ze verhuizen naar een andere plaats. Dan wordt het winkeltje verkocht.

Vanavond weer beneden gegeten; bij de familie. Bully had zelfs een fles wijn ge­kocht. Leuk! Ze riepen ons al wat eerder beneden, omdat Anna bamboo shoot ging maken. Dat is een bijzonder gerecht van hier. In een bamboe stam worden stuk­jes kip, geklutst ei, kruiden en spinazie gestopt. De stam wordt boven het open vuur gehouden. Het eten wordt in de bamboe stam gegaard. Heerlijk gegeten, bijzondere gesprekken gehad met elkaar. Bijzondere dag!

Dag 17 - Maandag, 16 December, Ziro - Nameri (360 km!)

(kaart)

Oei wat is het koud! Het doet ons erg aan Bergentheim denken; het oude boerderijtje van de ouders van Ingrid ergens in het veen van Overijssel uit onze jeugd. Daar kon het ook zo steenkoud zijn in het huisje.

...

Om half 6 s morgens staan we op. Het emmertje om de wc door te spoelen krijgen we niet gevuld, omdat door het vriezen vannacht de leidingen bevroren zijn... We ontbijten weer bij het grote vuur. We krijgen een lekker omeletje masala en we maken wat foto's. Het afscheid is daar.

Zo vertrekken we, tegen zevenen, na uitgebreid uitgezwaaid te zijn. Wat was het gezellig! Het ziet er mooi uit buiten, maar ook heel winters! Rijp op de velden. De hemel is al helemaal open en al snel wordt het blauw.

Het is een lange rit vandaag. Slingerend door de heuvels en over slechte wegen met heel veel kuilen. Af en toe mooie vergezichten.

Het is hier heel groen. We zien fraaie plaatjes zoals koeien die zich lekker koesteren in de zon. Mensen die vaak buiten hun tanden poetsen. Wegwerkers. We ziet hier ook vaak dat de ene persoon de schep hanteert. Daaraan zit dan een stuk touw, en een ander trekt aan het touw als het ware de schep omhoog. ... Veel regels in India worden veranderd onder invloed van de publieke opinie, maar vaak hebben ze maar tijdelijke uit­werking en grijpt men weer terug naar oude gewoonten. Zo werd nog niet zo lang geleden een meisje verkracht en vermoord in een busje. Afschuw over de hele wereld. Ook in Nederland stond het in de kranten. Er kwam een verordening dat auto's of busjes geern getint glas (vaak folie) meer mochten hebben. Iedereen moest het folie laten verwijderen. Maar nu is het een half jaar later en rijdt Iedereen weer rond met verduisterde ramen. Handhaven? Wat dat betreft zou er hier nog veel kunnen gebeuren.

De bussen zien er vaak mooi uit hier, maar hebben slecht zicht! Hun voorruit is in tweeën, zodat het 2 aparte ogen lijken, met een baan ijzer ertussen. En dan hangt er ook nog van alles in de kabine voor het raam. Op het raam zelf heeft men aan de boven en onderkant een dikke ondoor­zichtige strip geplakt. Soms blijft er dan wel erg weinig zicht over! Aan de ruiten­wis­sers zitten vaak nog plastic bloemen ter versiering. ...

In de auto luisteren we naar Indiase muziek op. Het is leuke muziek, van verschil­lende stammen. Bully legt uit waar de liedjes over gaan. We rijden tot een uur of half 12, en stoppen dan voor een vroege lunch, Lekker, met allerlei goed smakende prutjes erbij.

Daniel, de broer van Bully komt ook nog even langs bij de lunch. Hij heeft net de tour met Koning Aap beëindigd. Hij zegt dat het een van de leukste groepen was die hij ooit gehad heeft. We stoppen onderweg nog even bij een grote week­markt, maar daar kunnen we niet al te lang blijven; we moeten weer verder. Het is wel opvallend; zodra je Arunachal Pradesh uit bent; we rijden vandaag deels door Assam, wordt het landschap vlak. Meteen zijn er ook weer veel theeplantages en hindoes. Meer reuring op straat. Tegelijkertijd zijn de wegen in Assam de wegen een stuk beter, en tweebaans.

Dat is lekker, het gaat een stuk sneller nu, maar tegelijkertijd wordt het er niet veiliger op want iedereen rijdt hier veel harder terwijl er ook veel mensen op de weg fietsen en lopen. Ook zijn er meteen weer koeien op de weg, honden, geiten, enz. Er wordt meteen heftig ingehaald! Dat gaat zeker niet altijd verantwoord. ...

Tussen 16.00 en 17.00 uur bij het eco kamp Nameri aan. We slapen in een tent vandaag. Het is de hele dag al lekker weer met een heerlijk zonnetje en een prima tem­pe­ratuur. De tent is groot, en er staan 2 ruime bedden. Het is nog maar kort licht. Dus gaan we meteen na aankomst nog een stukje lopen. Ze fokken hier guinee pigs die later in het wild uitgezet zullen worden. Voor ons niet echt heel spectaculair. Maar dan wordt er een hornbill vogel gesignaleerd, en dat is wel heel bijzonder. Uiteindelijk zien we een stelletje. Mannetje en vrouwtje. De vogel is zeld­zaam geworden dus het is best uniek dat we ze hier zien. We zetten ze op foto en film. Als de vogels vliegen geeft dat een geweldig kabaal! Moeilijk om uit te leggen hoe het klinkt maar het is zeker uniek!

Tegen de avond wordt het een stuk frisser. Het restaurant is aan de zijkant helemaal open. We hebben ons wat verkeken op de temperatuur hier in India. Onze garderobe is niet voldoende op de kou afge­stemd (te weinig lange broe­ken/warme kleding). Wassen gaat hier lastig omdat we bijna overal maar 1 dag zijn, en dan krijg je iets niet droog. Maar goed; dan maar iets langer iets meer laagjes dragen.

Het diner is heel smakelijk.

Dag 18 - Dinsdag 17 december 2013, Nameri - Dirang (165 km)

(kaart)

Neef Teun is jarig. Gelukkig hebben we hem gisteren, met de internet telefoon kunnen feliciteren. We slapen goed in de tent. De bedden zijn prima. Vandaag gaan we naar Dirang. Half 8 rijden we weer weg na een prima ontbijt met verse warme toast, jam en een masala omelet.

We hebben een erg mooie tocht vandaag. Het is stralend, zonnig weer. We rijden Assam uit en Arunachal Pradesh in. We stoppen we bij de contro­lepost. Eerst gaan we even shoppen; handschoenen en mutsen kopen voor in het hooggebergte! Ingrid koopt ook nog een jogging broek die ze over haar dunne zomer­broek aantrekt. Niet echt fraai, maar lekker warm.

... ...

Zodra we Arunachal Pradesh in rijden wordt het weer heu­velachtig. De weg kronkelt door weelderig groen bos omhoog. Ergens onderweg zien we een brand. Een gebouw brandt helemaal uit. Een paar mensen gebruiken een maatbeker om water op het vuur aan het gooien. Het lijkt behoorlijk zinloos. We vragen of er geen brandweer is. In this area? No!. Het halve dorp is uitgelopen en kijkt naar de brand.

We stoppen bij een orchideeën kwekerij maar dat stelt niets voor. Waarschijnlijk omdat het winter is. Er zijn hier 550 ver­schillende soorten, maar zoals het er nu uitziet... bij de Vomar thuis staan er meer! We rijden steeds hoger de bergen in. De bergen zien er zo mooi uit! een flink aantal wat heiige lagen achter elkaar. Het komt op foto of film niet altijd over, maar het is een fraai gezicht.

We zien de rivier steeds in de diepte liggen. Langs de weg alleen maar heel af en toe wat huizen en soms een klein dorp­je. Het leven moet hier moeilijk zijn. Koud in de win­ter, heet in de zomer. Sommige dorpjes liggen wel héél fraai tegen de bergen aan. Geleidelijk aan wordt het wat minder bebost. Héél véél militairen overal! We zitten hier dichtbij China. In 1962 is het Chinese leger de grens overgestoken en heeft een deel van Arunachal Pradesh bezet. De weg waar we nu over rijden is ook door de Dalai Lama gebruikt toen hij in 1959 in burgerkleren moest vluchten. ...

We zien weer vuur en veel rook. Nu ergens op een berg. Van verre te zien. Dit keer waarschijnlijk bewust aan­ge­stoken, voor landbewerking.

...

We stoppen bij een klooster. Het is vrij nieuw klooster en doet chinees aan. Heerlijke stop. We krijgen een smaak­volle maattijd met noodles en momo voorgeschoteld. We bezoeken het klooster. Wat een heerlijk weertje ook weer. Tussen zon en schaduw lijkt soms wel 20 graden verschil te zitten. Het bevinden ons hier duidelijk een Boeddhistische streek. Veel kloosters hier. We stoppen nog bij een ander kloos­ter waar jonge monniken musiceren en zingen.

Dan doemen de sneeuwbergen op! Helaas is het nu een beetje bewolkt, maar het is toch een geweldig gezicht! ... ... We komen aan in Dirang. Ons hotel voor van­nacht hotel Pemaling. Het ziet er goed uit, maar binnen is het helemaal uitgestorven. Alles is schemerachtig/ don­ker. Het doet ons denken aan de film The Shining. Er is niemand te zien, ook niet bij de receptie, en de elektriciteit werkt niet. Geen spoor van leven.

Na verloop van tijd komt er toch iemand en gaan we naar onze kamer. Die ziet er prima uit, maar alles donker en koud. Uiteindelijk krijgen we een lamp. Die doet het ook niet bepaald goed, en even later brengt men ons dan een ande­re, een betere.

Daar zitten we dan. Ingrid heeft haar omslagdoek omgeslagen en we hebben allebei onze mutsen opgezet. Komisch zien we er uit! Gelukkig slaat de elektriciteit na een tijdje aan en kunnen we een elektrische kachel gebru­i­ken. Gauw alles opladen. We bestellen ons eten; in dit deel van India moet je altijd tevo­ren bestellen, zelfs voor ontbijt. Jan-Arend heeft van­morgen ergens een fles wijn gescoord en dus schenken we een lekker wijntje in. Maria biscuitjes erbij . Dit gaat goed komen. Zelfs de kruiken uit Ziro zijn mee in de baggage. Vanavond zullen we ze laten vullen. Wat wil je nog meer??

We zitten net lekker als we weggeroepen worden; we blijken hier ook geen water te hebben. We moeten wéér verkassen. Nou ja, uiteindelijk is ook dat gebeurd en dan is het weer goed. Het eten wordt opgediend in een koude eetzaal, maar het is heerlijk!

Dag 19 - Woensdag 18 december, Dirang – Tawang (141 km)

(kaart)

Goed geslapen. Zo goed zelfs... dat we ons verslapen. De wek­ker blijkt niet afgegaan te zijn. Dus, in plaats van half 6 (!) bij de auto nu 10 over 6 bij de auto. Het is echt winter buiten. IJzel op de velden, koud! We rijden een stuk naar de vallei. Sommige wolken hangen nog wel laag maar de lucht is helder. ... ... Overal vuur­tjes waar men­sen zich aan ver­warmen. Mensen lopen rond met manden vol sprokkelhout op hun rug. Er zijn hier veel huizen van steen. Sommige kinderen hebben blote voeten in hun teen­slip­pertjes... brrrr. Het vriest!

We gaan de rivier over, en gaan een huisje in. Een oude vrouw woont daar helemaal alleen. Ze heeft blote voeten en warmt zich wat op in haar huisje bij het open vuur. Ze is vast rijst aan het koken. Wat een eenzaam bestaan hier! ... We lopen het dorpje in. Overal boed­dhistische vlaggetjes. De beheerder van het klooster is er niet, dus we kunnen er niet in. Het klooster is wel 400 jaar oud!

Daarna gaan we terug naar het hotel voor het ontbijt. De eetzaal is nog steeds erg koud, en als je je laat zakken op die plastic stoel.... We hebben handschoenen aan en muts op. Het ontbijt is goed. De thee verwarmt. Hotel Pemaling is een goed hotel met leuke kamers en balkonnetjes, al is het daar nu niet echt het weer voor.

Vanuit het restaurant zien we de sneeuwbergen! Helaas is het nu een beetje bewolkt, maar het is toch een geweldig gezicht! ...

En dan... vertrekken we rich­ting Sela pas naar Tawang. De weg is weer niet best, al zijn er erg veel mensen aan het werk. Het is lekker zonnig, alleen boven de toppen een paar wolken.

Een lange rij haarspeld­boch­ten over een smalle baan met af en toe uitwijk plaatsen. De mensen hebben het hier echt heel zwaar. Weer heel veel mensen die maar domweg alsmaar steentjes aan het stukslaan zijn...Hoe hoger we komen hoe mooier en hoe kouder het wordt. Het is al snel aan het vriezen. Er komt steeds meer sneeuw en ijs op de ijbaan. Het wordt glad! Je slipt hier zo weg. ... ...

We worden weer tegenge­hou­den; er is een auto geslipt. De auto ligt helemaal op zijn zijkant. De mensen staan er wat beteuterd bij. Gelukkig niemand gewond. Steeds meer sneeuw, fraai! Dan zijn we boven, op de Sela pas (4.175 meter hoog), bij het Sela meer. Er is een poort bij de pas. We gaan de auto even uit. Hier niets iets om wat te drinken of zo. Wat een wind! De lekkere omslagdoek die Ingrid in Zero kocht komt goed van pas. ... ...

Op de weg naar beneden stoppen we bij het Jaswant­garh war memorial in Nura­nang, ongeveer 25 km van Tawang. Het is een gedenkteken voor Jaswant Singh Rawat, die in zijn eentje er in slaagde om tijdens de Chinese vijandelijkheden in 1962 het Chinese leger 72 uur tegen te houden. Een helden­daad die hij uiteindelijk met de dood heeft moeten bekopen. Zijn kleren liggen er, en ander spullen zoals portretten. Men zegt dat zijn geest hier nog vaak langs komt. Er staat ook een opgemaakt bed voor hem klaar. Er is een grote gedenkplaat met alle gevallenen. Onderaan is een soort klein winkeltje, van het leger. Je kunt er gratig thee krijgen, met een somosa snack. Men vindt het bijzoder dat wij hier zijn. Een sikh soldaat wil wel heel graag met ons op de foto voor op zijn telefoon. ...

Over de vriendin van Jaswant Singh, Sela gaan overigens ook de nodige helden­verhalen. Sela werd gevangen genomen door de Chinezen. Zij moest vertellen waar de munitie lag en wat de plannen waren. Ze heeft 2 generaals meegeno­men naar een klif en daar heeft ze de generaals de af­grond ingeduwd. Zelf kwam ze ook om. Daarom draagt het Sela meer nu haar naam. Beiden worden hier vereerd als een echte helden.

Verder op weg naar Tawang. We komen verschillende watervalletjes tegen, soms bevroren. En Yaks! Mooie beesten zijn dat hoor. Fraaie wollen staarten. We stoppen nog bij een kloostertje. Dat blijkt een vrouwenklooster te zijn. Twee vrouwen zingen, declameren en maken muziek. ... ...

We lunchen in de keuken van een smoezelig onooglijk eet­huisje. We zouden het zelf nooit gevonden hebben. Maar het eten is toch lekker! Geweldig gewoon. Flik wat vrouwen nog in klederdracht. Eén vrouw heeft een heel apart kapsel; ze ziet er een beetje uit als Whoopi Goldberg, maar het blijkt een pet te zijn met wollen punten. Het is traditioneel, en gemaakt van Yak wol.

Uiteindelijk komen bij ons hotel aan. ZaxStar Hotel ziet er goed uit, maar er verschijnt weer niemand! Nou ja, dat kan gebeuren als je de enige gas­ten bent. Uiteindelijk worden we natuurlijk toch open gedaan. Alles is gewoon uit en dicht zolang er geen mensen zijn.

We worden naar een goede kamer gebracht met ook weer een lekkere bank. De generator gaat aan, dus het licht ook, en de 3e kachel die uitgeprobeerd wordt doet het ook goed. We krijgen thee met biscuitjes; alles weer prima! 's Avonds eten we het door ons bestelde eten in een ruime, maar koude eetzaal. Men heeft weer flink voor ons uitgepakt.

Dag 20 - Donderdag 19 december, Tawang

... ...

Lekker gesla­pen. Niet koud gehad. 7 uur ontbijt, aan­sluitend vertrek. Eerst naar het beroemde 400 jaar oude Tawang klooster. Het Tawang klooster is het grootste kloos­ter in India .

Het werd opgericht door Merak Lama Lodre Gyatso in 1680-1681 in overeenstem­ming met de wensen van de 5e Dalai Lama.Het klooster behoort tot de Gelugpa school en heeft een religieuze associatie met Drepung klooster in Lhasa.

...

Het klooster ligt dicht bij de grens. Het kloos­ter is ook in het Tibe­taans bekend als Galden Namgey Lhatse, wat betekent : naar het hemelse paradijs in een heldere nacht. De bibliotheek van het klooster heeft waardevolle oude geschriften. Het klooster is drie verdiepingen hoog. Het wordt omsloten door een 610 m lange beschermingsmuur. Binnen het complex zijn 65 woningen en 10 andere gebouwen. ... ...

Het Tawang klooster con­troleert 17 gompas en enkele vrouwenkloosters in de regio. Het werd in 1997 gerenoveerd door de 14e Dalai Lama - De traditioneel gebouwde struc­tuur werd gesloopt en herbouwd met beton . Gyaltsey Rinpochey is een beroemde incarnatie van de Loseling College van Drepung klooster en het vleesgeworden hoofd van Tawang.

Als we aankomen blijken de jonge monniken net les te krijgen; er is een soort dienst aan de gang. Veel jonge monniken. Lange rijen jongetjes die serieus meedoen maar ons steeds vanuit de ooghoeken in de gaten houden. Als het afgelopen is stuiven alle jongens naar buiten. Vandaag begint de vakantie. Geen school. Ze gaan vandaag naar huis.

... ...

Het is een mooi, 400 jaar oud klooster. Een heel complex eigenlijk. Alles is rijkelijk versierd en overal staan offerandes. We bekijken de keuken waar enorme pannen staan en kannen voor de boterthee. Overal lopen de jonge monniken. Ergens loopt een jong monnikje met een bak afval. Hij moet het weg brengen maar hij is bang voor de apen die op de muur van het klooster loeren naar iets lekkers. Niet ten onrechte, want de grootste aap is behoorlijk agressief! Uiteindelijk lukt het men het afval te dumpen en hij rent weer weg.

Het is wel een fraai stelletje, die apen! We lopen met een jonge leraar mee naar zijn groep pupillen. Leuk om te zien hoe ze hier leven. Er zijn er ook een aantal aan het stu­deren achter de boeken. We gaan het museum bekijken. Wel leuk, maar wij zijn niet echt mensen die musea erg bestuderen. Maar, we krijgen zo wel een goede indruk en er liggen wel mooie dingen bij. Ondertussen wordt het aardig bewolkt in de bergen. Maar bij ons schijnt de zon nog. ... ...

Er komt een hele fraaie oude vrouw aan. Ze loopt de kloos­ters en stupa's af als een soort pelgrim. Zedraagt traditionele kleding en heeft een zwarte yak muts met punten op. Ze draait onophoudelijk de gebeds­molen rond die ze in haar hand houdt. Ze loopt op schoenen van stof en heeft een mooie ketting om. Ze geeft ons een handje rijst en noten.

Twee jongetjes zitten ergens op een afdakje met een klein hondje. Ze hebben hem net gewassen. Na het bezoek aan dit klooster gaan we naar de Anni Gompa (Vrouwen Klooster). ... ...

De Anni Gompa ligt hoog in de bergen en ziet er als we er komen erg uitgestorven uit. Bovendien is het erg glad van het ijs op de grond. Uit één van de huisjes duikt ineens het kopje op van een jong meisje. Als ze begrijp wat we komen doen gaat het kleine nonnetje op zoek naar een oudere non die ons kan rondleiden. ... Na enige tijd komt ze terug met de gevon­den oudere non en kunnen we het klooster in. Het is hier koud en glad zo boven op de berg! Na ons bezoek aan het vrouwen klooster rijden we terug. We komen sloppen­wijken tegen. Je moet daar niet willen wonen, vooral niet in deze wintertijd. ...

We komen langs weer een monument van de gevallenen in de 1962 oorlog. De oorlog leeft hier nog sterk en men is niet gerust op de toekomst. Men vreest een nieuwe inval van de Chinezen. Er is een soldaat die ons een rondlei­ding geeft. Hij doet dat echt heel formeel, voor ons grappig om mee te maken. Hij dreunt het een beetje op. Bijzonder ook om te zien hoe trots hij is op zijn landgenoten. Er zijn 2420 soldaten gedood in deze oorlog, aan Indiase zijde. Tevens een flink aantal burgers. Er is een maquette met de bergen en de plaats­namen van hier en China. Met lampjes worden de troepen­bewegingen aangeduid. Aan het eind van de rondleiding krijgen we hier ook weer chai. Ons wordt verteld dat er iedere morgen een monnik uit het Tawang klooster komt om 2 olielampjes voor aan te steken. Als je de namen van al die doden ziet staan ben je wel onder de indruk. ... ...

Weer naar Tawang; lunchen in restaurant The Dragon. Het is er donker en vrij koud, maar er wordt een kacheltje gehaald en het eten is heerlijk! Momo's. noodles, lekker knap­perig met groenten en goed gekruide kippensoep. Het doet een mens goed! Het is een bekend restaurantje en wordt in de lonely planet ook aangeprezen. Niet voor niets kunnen we wel zeggen!

Dan is het shopping time. We hebben hier nog maar heel weinig geld uitgegeven. Al het eten bleek inclusief te zijn. Wel erg luxe reizen zo. Tot nu toe nog niet zo heel veel leuke dingen gezien om te kopen. In Ladakh hadden ze veel mooie sjaals, mutsen, sieraden en tassen. Hier is dat veel minder. Maar gelukkig vinden we toch wat grappige dingetjes. Ook voor ons huisaltaartje thuis. Belletjes, Buttons van de Dalai Lama, de pet van yak haar, wat schriftjes en 2 Boeddha's. Ook vinden we een winestore waar ze onze favoriete wijntje van hier hebben.

Het is inmiddels behoorlijk donker geworden in de bergen. In de bergen sneeuwt het. Hopen maar dat het morgen beter is. Mist en gladheid is geen handige combi voor de lange tocht over de hoge pas. ... ...

Als we in het hotel zijn ne­men we weer lekker warme thee met kaakjes.

Alle elektriciteit is uit, maar gelukkig gaat niet al te veel later de generator weer aan. Dan hebben we licht en warmte. Voor het eten drinken we nog even met ons drietjes een wijntje bij ons op de kamer. We praten met elkaar; bijzonder hoe we elkaar steeds beter leren kennen, en van elkaars cultuur kennis nemen. We nemen ons kacheltje mee naar het restaurant en steken hem daar in het stopcontact. Ons wijntje mogen we gewoon meenemen, geen punt. We zitten heel genoeglijk met elkaar, maar zijn wel weer de enige gasten!

Naar Deel 4: van Tawang naar Kaziranka en Majul eiland in Assam

click tracking